Column: Vakbonden, wat heb je er aan?

Of ik deze maand de column voor de VHS Nieuwsbrief wilde schrijven? Tja, daar vraag je me wat. Eerlijk gezegd ben ik niet zo bezig met VHS en 'de vakbond'. Maar nu de vraag in de lucht hangt, blijk ik er toch wat van te vinden.

Zo is een vakbond best wel handig bij cao-onderhandelingen of bij conflicten met de werkgever. Toch is de animo om lid te worden van een vakbond de laatste decennia sterk afgenomen. Het is geen vanzelfsprekendheid meer. Heeft de vakbond geen of minder toegevoegde waarde dan in vroeger dagen? Beter is de vraag wat de vakbond in het huidige tijdsgewricht kan toevoegen. Waar kan een vakbond bij helpen?

Eerlijk gezegd kom ik niet verder dan een paar deuren wat verder open te trappen. Dus waar maakt een vakbond nu echt het verschil? Voor mij is het kernbegrip Verbinding. Verbinding tussen vakgenoten en verbinding tussen werknemers en de werkgever. Niet om een zo hoog mogelijk salaris te bevechten of veel vrije dagen, maar om samen te zoeken naar mogelijkheden om de werksituatie zo vorm te geven dat je als (vak)mens volledig tot je recht komt. Dat je je gerespecteerd voelt in je vakmanschap en gewaardeerd in de wijze waarop je je werk doet. Een tevreden werknemer geeft een tevreden klant. Een tevreden klant geeft een tevreden werkgever. Wat wil je nog meer? De sleutel is mijns inziens in handen van de werknemer. En als deze werknemers leden van een vakbond zijn, kunnen zij zich daar beelden over vormen en afspreken hoe samen te werken met de werkgever om tot de ‘ideale’ werkomstandigheden te komen. Wat zijn dan die ‘ideale werkomstandigheden’? Dat verschilt van persoon tot persoon. Voor de een is dat ‘volledige vrijheid’; ik kom overeen met mijn baas waarvoor ik aan de lat sta en maak zelf uit wanneer, waar, hoe en met wie ik mijn werk doe. Voor de ander betekent dit wellicht; vertel me wat ik doen moet, regel een goede werkplek en werkmiddelen voor me. De vakbond kan helpen om de verschillen in behoeften inzichtelijk, overzichtelijk en concreet te maken. Wat zijn de overeenkomsten en verschillen tussen de verschillende gewenste werkomstandigheden? En -last but not least- hoe dat te vertalen naar concrete, realiseerbare handelingen van werkgever en werknemer?

Wat houdt dat praktisch gezien dan in? Ontmoeting tussen leden organiseren. En door leden te prikkelen zichzelf te onderzoeken, zich kwetsbaar op te stellen en uit te dagen zich beelden te vormen over de individueel bepaalde ‘ideale werkomstandigheden’. Werkomstandigheden die aansluiten bij jou als persoon. Hoe? Door programma’s aan te bieden die het individuele lid inzicht in zichzelf geeft en de ruimte geeft om hier met anderen over te praten. Door methoden aan te bieden die de dieper in de mens gelegen overeenkomsten en verschillen inzichtelijk maken. En door te helpen die te vertalen naar (generieke) werkomstandighedengereedschappen. Dit klinkt best wel zwaar. En dat is het ook. Maar het hoeft niet zwaar ervaren te worden als de omstandigheden waarin dit soort gedachtevorming plaatsvinden uitnodigend, prettig, constructief en veilig zijn. De uitdaging ligt bij de leden van de vakbond. Maak verbinding om samen te zoeken en te vinden.

Vakbonden, wat heb je er aan? Als je zelf wilt, best wel veel!

Bas Oosthoek
VHS'er en voorzitter OC Staven ProRail